Waarom het parlement geen amnestiewet wil voor de Riffijnen?

Lid van het Marokkaanse parlement Omar Balafrej, afgevaardigde van de oppositiepartij ‘Democratische Linkse Fractie’, heeft geklaagd dat de regerende islamistische partij ‘Parti de la justice et du développement’ (PJD) het parlement belet om een algemene amnestiewet voor de gedetineerden van de Riffijnse volksbeweging te discussiëren.

Balafrej zei dat hij en zijn collega Mostafa Chennaoui een verzoek hadden ingediend op 29 juni 2018 om de discussie te openen over een algemene amnestiewet voor de gevangenen van de Riffijnse volksbeweging. Maar dat de PJD heeft geweigerd.

De Parti de la justice et du développement staat bekend als een anti-Imazighenpartij. Verschillende kopstukken van de partij maken zich ook regelmatig schuldig aan racistische uitspraken jegens de Imazighen.

De tegenwerking van PJD is echter niet de enige oorzaak waarom de Marokkaanse parlementsleden de amnestiewet niet willen bespreken.
Het parlementslid Ismail Al Alaoui (de zelfde achternaam als de Marokkaanse koning) zei tegen de nieuwssite Alaoual dat het parlement de amnestiewet niet wil bespreken om niet over te komen dat ze de koning uitdagen. Al Alaoui riep zijn ”familielid” Mohamed VI op om de Riffijnse activisten in de Marokkaanse gevangenissen ”te vergeven”.

De uitspraak van Ismail Al Alaoui bevestigt de angst van de Marokkaanse politici voor het koningshuis en hoe zwak het parlement is tegenover het paleis. De Marokkaanse grondwet geeft de koning alle macht in handen. Zo geeft de grondwet het recht aan de koning om elk moment zowel het Hoger-als het Lagerhuis te ontbinden.

De uitspraken van de twee politici bevestigen dat enkel de koning gaat over het dossier van de Riffijnse activisten die opgesloten zitten in verschillende Marokkaanse gevangenissen. En zolang de Marokkaanse koning zijn toestemming niet geeft zullen de Marokkaanse politici dit dossier blijven negeren om niet in botsing te komen met de machtigste persoon in het land.