Ben Knapen verbloemt mensenrechtensituatie in Marokko omwille economische belangen

De demissionair minister van Buitenlandse Zaken, Ben Knapen, heeft in een lange brief aan de Kamerleden zijn best gedaan om de erbarmelijke situatie van de mensenrechten in Marokko te verbloemen omwille van de bestrijding van migratie en economische belangen.

Ben Knapen omschreef Noord-Afrika als een chaotisch gebied waar terroristen, criminelen en smokkelaars actief zijn. Behalve in Marokko die volgens Ben Knapen een stabiele factor en een essentiële en strategische partner is.

Ben Knapen negeert hierbij voor het gemak de cijfers die juist onthullen dat de migratie vanuit het Allawitisch koninkrijk groeit, vooral na de intensivering van repressie en discriminatie in Arif. Ben Knapen vergat ook dat Ceuta in opdracht van Mohamed 6 werd bestormd door duizenden migranten die gebruikt werden om Spanje en de EU te chanteren.

Op het gebied van mensenrechten had de demissionair minister niks te zeggen en daarom verzon hij belachelijke zaken om de indruk te wekken dat het een onderdeel was van de nieuwe deal tussen Den Haag en Rabat.

Ben Knapen had het over een ‘Orange the World campagne’ waarin de Nederlandse ambassade in Rabat optrok met het Marokkaanse regime om ‘de publieke ruimtes veiliger te maken voor vrouwen en meisjes’. De minister zegt niet dat in diezelfde periode de Marokkaanse repressietroepen een vrouw hebben verkracht en haar familieleden hebben aangerand vanwege haar mening. Noch dat de Nederlandse ambassadeur zweeg over de leugens van het Marokkaanse regime over verzonnen spionagepraktijken van journalist Omar Radi die veroordeeld werd tot zes jaar gevangenisstraf. De vader van de kritische journalist had de ambassadeur Jeroen Roodenburg gemaild hierover maar de ambassadeur had het waarschijnlijk te druk met het veiliger maken van openbare ruimtes voor vrouwen door couscous te eten met het regime dat onder meer sekstoeristen, die meisjes misbruiken, vrij laat.

De minister had het in zijn brief ook over ”de Marokkaanse Nationale Raad voor de Mensenrechten” (CNDH) die volgens hem een belangrijke rol speelt. ”De ambassade heeft regelmatig contact met de CNDH over ontwikkelingen op het terrein van mensrechten in Marokko”, zegt Ben Knapen die eraan toevoegt: ”Deze Raad deed onder meer onderzoek naar het overheidsoptreden ten tijde van de Riffijnse volksbeweging in 2016.”

Ben Knapen noemt nergens in zijn brief dat CNDH een overheidsorgaan is die het regime dient en haar schendingen van mensenrechten verdedigt. Wat Ben Knapen ‘onderzoek’ noemt was niks meer dan het goedpraten van de mensenrechtenschendingen van de Marokkaanse staat. Het was een ‘Wij van Wc-eend adviseren Wc-eend’.

Volgens de Nederlandse minister heeft Marokko in de afgelopen jaren een aantal Riffijnsee gedetineerden gratie gegeven. ”Op dit moment zijn er nog 7 personen gedetineerd voor hun deelname aan de beweging, waaronder de heer Nasser Zefzafi”, voegt hij eraan toe zonder te praten over de marteling en verkrachting van Zefzafi. Noch het doodschieten van Imad El Attabi , die zelfs toegegeven werd door de CNDH, die Ben Knapen zo graag promoot. Noch de dood van Abdelhafid Ahaddad of van de visverkoper Mohsine Fikri die de protestbeweging ontketende.

Het doel van deze rare uitspraken wordt duidelijk voor wie de hele brief leest. Op 8 juli dit jaar zijn Nederland en het Allawitisch koninkrijk ‘een nieuw actieplan overeengekomen’. Wat deze deal tussen Rabat en Den Haag inhoudt is onbekend omdat het ministerie weigert inzage te geven in wat het precies inhoudt. ”Het actieplan is niet openbaar”, schrijft de Volkskrant.

Maar wie kijkt naar de handelingen van Rabat en Den Haag kan maar een ding concluderen. Nederland bezwijkt voor de chantagepolitiek van de Allawieten in ruil voor een te verwaarlozen economische winst op de korte termijn. Nederland heeft ook een blinde oog voor de activiteiten van de Marokkaanse ambassade en de lange arm van Rabat die steeds brutaler wordt in Nederland. In ruil hiervoor werken de Marokkaanse en Nederlandse inlichtingendiensten samen in het bespioneren van onder meer moskeeën.

De Nederlandse regering laat ook blijken dat het geen gehoor geeft aan vreedzame protesten en beschaafde manieren die activisten gebruiken om aandacht te vragen voor de mensenrechtenschendingen in Marokko. Den Haag laat juist zien dat het zwicht voor chantagepolitiek. Met name door de migratie- en terrorismekaart waarmee Mohamed 6 Europa ruim twintig jaar mee afperst.

Na de brief van het ministerie van Buitenlandse Zaken moet elke Nederlander -met Riffijnse roots- zich af vragen hoe veilig hij/zij is in Nederland. Heeft Den Haag Nederlandse staatsburgers, met Riffijnse roots, ook verkocht in haar nieuwe deal met het Allawitisch regime?