Column: Genadeloos begraaf ik mijn Marokkaanse paspoort!

6 april 2019

Slapen onder een sterrendeken, het schapen hoeden met mijn overgrootvader, het dagelijkse ritueel van water halen bij de waterput, de ongerepte, weerbarstige natuur, het eten van de hemelse vijgen. De zoete herinneringen aan de Rif staan gegrift in mijn hart, maar de navelstreng met het land dat Marokko heet, ga ik voorgoed doorknippen.

Mijn Marokkaanse paspoort is nu enkel een boekje met een groene kaft en dode letters. De tijd dat mijn hart sneller ging kloppen van dit boekje behoort voorgoed tot het verleden. Hoe heeft het in Godsnaam zover kunnen komen?

Oktober 2016, een brute moordaanslag op visverkoper Mohsin Fikri door het autoritaire Marokkaanse regime in de Rif. De Rif, mijn roots, gelegen in het Noorden van Marokko.

Dit is de spreekwoordelijke druppel voor de Riffijnen, waaronder ik, om de straten op te gaan om vreedzaam te protesteren. De Hirak, volksbeweging tegen de achterstelling en marginalisering van de Rif werd geboren. Het regime houdt de Rif in een wurggreep door de militarisering en harde repressieve maatregelen. 20 jaar cel gaan als zoete broodjes over de toonbank van corrupte Marokkaanse rechters. De vulkaan in mij is ontwaakt en dooft pas als ik mijn Marokkaanse paspoort ritueel heb begraven.

Een trotse Marokkaan is iemand die van Marokko houdt en onderdrukking verbloemt. Een trotse Riffijn, de Amazigh, is een noorderling die staat voor waardigheid, respect en vrijheid. De vrije mens in mij is levendiger dan ooit tevoren.

Ik schaam me om Marokkaan te zijn. Het toenemende bewustzijn van de marginalisering en achterstelling van de Rif, waar ik voor het eerst het levenslicht heb gezien, heeft mijn liefde voor het land in rook doen opgaan. Marokko bungelt op velerlei lijstjes onderaan, waaronder die op het gebied van mensenrechten en de persvrijheid. Mijn hart is versteend door de ellende die mijn ogen hebben aanschouwd, iedere keer weer. De pijn en woede is net een mokerslag die zijn weerga niet kent.

Marokko staat niet toe dat zijn onderdanen afstand nemen van de Marokkaanse nationaliteit. Toch ben ik zeer vastberaden. Zonder weemoed doe ik afstand van mijn Marokkaanse paspoort. Het moet vooral een einde zijn van een tijdperk. Wat ik koester is mijn absolute autonomie en vrijheid. De vrijheid die voor elke Riffijn als hoogste goed geldt. Marokko past daar niet meer bij.

De Marokkaan in mij is heengegaan. God hebbe zijn ziel.